Een groentehapje is een fijn eerste hapje voor je baby. Je start met oefenhapjes als je baby tussen de 4 en 6 maanden is, naast de borst- of flesvoeding. Zelf maken is makkelijk: was de groente, kook het en prak het fijn.
In het begin geef je maar een paar lepeltjes. De oefenhapjes geef je naast de melkvoeding, want je wilt de trek in de borst- of flesvoeding niet verminderen. Hieronder lees je met welke groente je begint, hoe je een groentehapje maakt en waar je op let.
Vanaf welke leeftijd mag een groentehapje?
Je start met oefenhapjes als je baby tussen de 4 en 6 maanden is. Begin in elk geval voor de leeftijd van 6 maanden, want als je kind 6 maanden is, heeft het ook echt vaste voeding nodig naast de borst- of flesvoeding.
Naast de leeftijd telt of je baby er klaar voor is: het is belangrijk dat je kind in ieder geval rechtop zit en goed kan slikken. Een goed uitgangspunt is om te starten met 1 of 2 keer per dag 3 tot 4 kleine lepeltjes. Je geeft de oefenhapjes naast de melkvoeding, dus het is beter niet te veel te geven: je wilt de trek in de borst- of flesvoeding van je baby niet verminderen.
Met welke groente begin je?
Elke soort groente is geschikt voor je baby. Handig om mee te starten zijn de wat zachtere smaken, zoals bloemkool, doperwtjes, boontjes, broccoli, worteltjes of pompoen.
Ook nitraatrijke groente zoals andijvie, rode bieten, bleekselderij of spinazie mag. Vroeger werd gedacht van niet, maar onderzoek van het RIVM laat zien dat je je daar geen zorgen over hoeft te maken.
Hoe maak je een groentehapje?
Zelf een groentehapje maken doe je in een paar stappen:
- Was de groente goed onder stromend water.
- Kook de groente zonder zout in een bodempje water gaar.
- Laat het even afkoelen en prak het fijn met een vork, of pureer het met een staafmixer.
- Maak je een grotere hoeveelheid? Verdeel het over kleine porties en vries die in. Bewaar ze maximaal 3 maanden.
- Laat de hapjes ontdooien in de koelkast, of ontdooi ze vlak voor gebruik au bain-marie, in de flessenwarmer of in de magnetron. Roer het hapje halverwege het opwarmen goed door, laat het afkoelen tot lauwwarm en proef eerst zelf een hapje om de temperatuur te controleren voor je het geeft. Een ontdooid hapje bewaar of vries je niet opnieuw in; blijft er iets over, gooi dat dan weg.
In het begin prak of pureer je het hapje fijn. Hoe je de structuur daarna stap voor stap grover maakt, lees je bij van pap naar stukjes. Wil je ook met fruit aan de slag, kijk dan bij het fruithapje en bij de eerste hapjes.
Veelgestelde vragen
De vragen die bij dit onderwerp het vaakst gesteld worden.
Je start met oefenhapjes als je baby tussen de 4 en 6 maanden is. Begin voor de leeftijd van 6 maanden, want dan heeft je baby ook echt vaste voeding nodig naast de borst- of flesvoeding. Belangrijk is ook dat je kind in ieder geval rechtop zit en goed kan slikken.
Elke soort groente is geschikt. Zachte smaken zoals bloemkool, doperwtjes, boontjes, broccoli, worteltjes of pompoen zijn handig om mee te beginnen.
Was de groente onder stromend water, kook het zonder zout in een bodempje water gaar en prak het fijn met een vork of pureer het met een staafmixer. Een grotere hoeveelheid vries je in kleine porties in en bewaar je maximaal 3 maanden.
Een goed uitgangspunt is 1 of 2 keer per dag 3 tot 4 kleine lepeltjes. Je geeft het naast de melkvoeding, dus het is beter niet te veel te geven.
Voeg geen zout toe; je kookt de groente zonder zout. Milde kruiden mogen wel, want een kind mag gekruid eten en een baby ook. Denk aan een beetje basilicum, oregano of peterselie.
LET OP
Dit artikel vervangt geen persoonlijk voedingsadvies. Bij vragen over de voeding van je baby overleg je met het consultatiebureau.
Laatst bijgewerkt: juli 2026. We werken dit artikel regelmatig bij.


